Het toneelstuk "Amore e ginnastica" ontrolt zich in het post-Unitaire Turijn, een stad die zojuist haar rol als hoofdstad heeft opgegeven maar vastberaden is haar status als bakermat en motor van de Italiaanse gymnastiekcultuur te blijven behouden. De locaties worden idealiter verenigd door het delen en vereren van een sfeer vervuld van symbolische waarden, een soort seculiere religie waarin slechts enkelen de gymnastiek als hun eigen liturgie omarmen. De plechtige en ijzige priesteres van deze 'tempel' (de sportschool) is lerares Pedani, die met haar jeugdig-sportieve gestalte ("mooie schouder", "krachtige arm", "lichaam van een krijgerin", "perfect skeletvormige proporties") het toneel beheerst. Zij is een missionaris voor de verspreiding van de fysieke cultuur en het onderwijzen van het lichaam als instrument van beschaving en vooruitgang. Bovendien fungeert zij als genezer van de moderne sociale geneeskunde, gericht op de morele, ethische en fysieke heropleving van de nieuwe burger van de nieuwe Natie.